< Alle onderwerpen

Bijwerkingen van Paclitaxel

Bijwerkingen van Paclitaxel
Leestijd: 3 minuten

Naam:                                             Paclitaxel
Geneesmiddelengroep:        Taxanen

Paclitaxel is een medicijn (chemo) die binnen de taxanen geneesmiddelengroep valt. Het doel van deze chemo is om de groei van tumoren te remmen.

Wat doet Paclitaxel?

Paclitaxel heeft invloed op de cellulaire microtubuli. Dit zijn kleine buisjes die deel uitmaken van het skelet van de cel en zijn heel belangrijk bij de celdeling. Ze zorgen ervoor dat de chromosomen (waar de erfelijke informatie zit) netjes verdeeld worden over de nieuwe cellen. Tijdens de celdeling moeten de microtubuli snel kunnen opbouwen en afbreken (depolymerisatie) om de chromosomen goed te kunnen verdelen. Paclitaxel verhindert het afbreken van de microtubuli, waardoor de celdeling wordt verstoord.

Doordat de kankercellen niet meer goed kunnen delen, remt de groei van de tumor en kan de tumor zelfs kleiner worden. Dit is waarom taxanen zo belangrijk zijn bij de behandeling van verschillende soorten kanker.

Wanneer wordt Paclitaxel voorgeschreven?

Paclitaxel wordt voorgeschreven bij borstkanker (mammacarcinoom), eierstokkanker (ovariumcarcinoom), longkanker (niet-kleincellig longcarcinoom), adenocarcinoom van de pancreas en aan AIDS gerelateerd Kaposi-sarcoom

Bijwerkingen van Paclitaxel.

Het gebruik van Paclitaxel kan voor verschillende bijwerkingen zorgen. Het is belangrijk om hier bewust van te zijn en indien nodig te bespreken met je behandelend arts. Bekende bijwerkingen van Paclitaxel zijn allergische reactie, maag-darmklachten, minder bloedcellen, pijn in spieren of gewrichten, (poly)neuropathie, haaruitval en pijnlijke mond. In het Farmacotherapeutisch Kompas zijn de mogelijke bijwerkingen nog wat uitgebreider beschreven, maar deze zijn (voor een leek) vaak moeilijker te lezen, omdat er veel medische termen en jargon gebruikt wordt. Hieronder de bijwerkingen met uitleg en medische termen.

Bijwerkingen die zeer vaak voorkomen (>10%)

Lage bloeddruk (hypotensie). Bloeding. (Poly)neuropathie en stoornissen in de gevoelswaarneming (paresthesie). Urineweginfectie en/of luchtweginfectie. Algehele lichaamszwakte (asthenie) en vermoeidheid. Koorts. Gewrichtsklachten (artralgie) of spierklachten (myalgie). Geen eetlust (anorexia), mondslijmvliesontsteking (stomatitis en mucositis), misselijkheid, braken, diarree, buikpijn. Haaruitval (alopecia). Opvliegers en huiduitslag. Beenmergdepressie waardoor verminderde aanmaak van witte bloedcellen (neutropenie en leukopenie) rode bloedcellen (bloedarmoede/anemie) en/of bloedplaatjes (trombocytopenie).

Bijwerkingen die vaak voorkomen (1-10%)

Vertraagde hartslag (bradycardie) of versnelde hartslag (tachycardie). Overmatig blozen, ophoping van lymfevocht (lymfoedeem). Ontsteking van neusslijmvlies (rinitis), bloedneus, keelpijn. Griepachtige verschijnselen. Depressie, nervositeit, slapeloosheid. Hoofdpijn. Coördinatiestoornis met bewegingen (ataxie). Duizeligheid, slaperigheid, smaakstoornis. Mondzweten (mondulcera), droge mond (xerostomie), maagklachten (dyspepsie), zwarte, ontlasting (melaena). Botpijn, beenkramp. Pijn bij het plassen (dysurie). Milde nagel- en huidveranderingen, droge huid.

Milde reacties op de injectieplaats zoals lokaal oedeem, roodheid, verkleuring, verharding. Vocht in ledematen of gezicht (perifeer- en gezichtsoedeem). Malaise, pijn op de borst, koude rillingen. Ernstige verhogingen van ALAT, ASAT en alkalische fosfatase (ALF) waarden in het bloed.

Bijwerkingen die soms voorkomen (0,1-1%)

Ernstige overgevoeligheidsreacties. Hoge bloeddruk (hypertensie), bloedstolsels in de bloedvaten (trombose). Hartspierklachten (cardiomyopathie), versnelde hartslag (asymptomatische ventriculaire tachycardie, tachycardie met bigeminie, AV-blok), hartinfarct (myocardinfarct). Ernstige infecties, te lage bloedruk waardoor organen onvoldoende zuurstof krijgen (septische shock). Onrust. Slikproblemen (dysfagie), pijnlijke, branderige tong (glossodynie). Spierspasmen, spierzwakte. Pijn bij het plassen (dysurie), meer dan 8 keer per 24 uur plassen (pollakisurie), overmatig plassen, meer dan 3 liter per 24 uur (polyurie), bloed in de urine (hematurie). Gewichtsverandering. Te laag of te hoog fosfaatgehalte in het bloed (hypo- of hyperfosfatemie), te lage calciumwaarde in het bloed (hypocalciëmie), te kort aan natrium in het bloed (hyponatriëmie), te weinig kalium in het bloed (hypokaliëmie), te laag albuminegehalte in het bloed (hypoalbuminemie), een te hoge bloedglucosewaarde (hyperglykemie). Ernstige verhogingen van bilirubine.

Contra-indicaties van Paclitaxel.

Paclitaxel kan niet gebruikt worden als iemand een overgevoeligheid heeft voor taxanen. Verder wordt de kuur gepauzeerd of gestopt als bloedwaarden (als gevolg van beenmergdepressie) te laag zijn.

Zijn er dingen die je zelf kunt doen om de bijwerkingen te verminderen?

Wil je het gratis ebook ontvangen met 10 tips op je chemokuur makkelijker en beter door te komen? Download dan hier je gratis ebook.